Op 36.000 km hoogte worden door weersatellieten infrarood satellietafbeeldingen van de aarde gemaakt.
Alle voorwerpen op aarde zenden infrarode straling uit. Hoe hoger de temperatuur, hoe meer straling.
De satelliet vangt de uitgezonden straling op. Koude en hoge wolken worden wit weergegeven. Warme en lage wolken worden met grijstinten weergegeven.